SEO: zo werkt het!

SEO staat voor Search Engine Optimization. Dat is niets anders dan je website beter vindbaar maken voor nieuwe klanten via zoekmachines. Weten hoe dat moet? Ik geef je vijf tips & tricks!

Als tekstschrijver wist ik al wel dat, als je de juiste zoekwoorden gebruikt in je tekst, je beter vindbaar bent op internet. Inmiddels zijn er echter veel meer mogelijkheden om hoger te scoren in de zoekresultaten. Deze week volgde ik daarom via Frankwatching de training ‘Schrijven voor SEO’ van Rutger Steenbergen (SEO Zwolle) en kreeg ik veel nieuws te horen. Ik ben meteen aan de slag gegaan en… boekte ook meteen resultaat. Ik geef je graag vijf tips die je meteen kunt toepassen.

 1. Zoekwoorden gebruiken
Als je bijvoorbeeld gevonden wilt worden op ‘tekstschrijven’ en ‘SEO’ dan is het belangrijk dat deze zoekwoorden op verschillende plaatsen terugkomen in de tekst op je website. En dan niet alleen in de bodytekst, maar ook in je titels en (vetgedrukte) tussenkopjes. In de training leerde ik dat je de zoekwoorden ook en vooral moet plaatsen in de inleiding van je teksten (Google leest van boven naar beneden), je meta-omschrijving (stukje tekst dat verschijnt in de zoekresultaten van Google, onder je URL) en in de titels van je afbeeldingen. Dus noem je foto niet ‘plaatje01’ maar gebruik een omschrijving waarin je je zoekterm verwerkt.

2. Synoniemen gebruiken
Zoals gezegd helpt het niet om jouw zoekwoorden heel vaak te verwerken in je tekst om zo beter vindbaar te worden. Ten eerste word je tekst onleesbaar en ten tweede trapt Google daar niet meer in. Beperk je tot drie of vier keer per pagina en gebruik daarnaast synoniemen of variaties van je zoekwoorden. Google is namelijk meer en meer in staat om de betekenis van tekst en woorden te analyseren. (semantic search)

3. Kiezen voor specifieke zoektermen
Natuurlijk zou ik graag goed gevonden willen worden op het zoekwoord ‘tekstschrijver’ maar de concurrentie op deze zoekterm is enorm. Daar kan ik als eenmansbedrijf nooit tegenop. ‘Tekstschrijver Bleiswijk’ beidt echter al veel meer kansen. Kies dus voor langere, specifiekere zoektermen waarop je graag gevonden wilt worden. En waarbij je ook kans maakt om te scoren.

4. Zorgen dat andere sites naar jou linken (externe links)
Als anderen op hun website een link plaatsen naar jouw website, krijg je ook weer punten van Google. Je bent blijkbaar de moeite waard! Maar hoe kom je aan zo’n externe link? Vraag bijvoorbeeld je klanten om een review te schrijven van jouw product of dienst. Of ga gastbloggen. Je kunt natuurlijk ook gewoon vrágen of mensen een link naar jouw site willen plaatsen…

5. Zorg voor voldoende relevante tekst
Voorlopig kan Google tekst vele malen beter lezen en indexeren dan foto’s of video’s. Zorg daarom voor voldoende relevante tekst op je site. Tijdens de training kreeg ik als indicatie: 300 woorden voor de homepage en 400 woorden voor achterliggende pagina’s. Schrijf je blogs, dan mag je zelfs helemaal los en is 900 woorden echt niet te veel. Google loves blogs namelijk. Kijk, hier word ik als tekstschrijver dan weer blij van. Overigens bevat dit blog ‘slechts’ 780 woorden…

Communicatiebureau Bleiswijk? Bingo!
Zelf heb ik een WordPress site die ik eenvoudig kan aanpassen, dus ik ben direct aan de slag gegaan met het verbeteren van mijn eigen vindbaarheid. Ik wilde graag gevonden worden op de zoektermen ‘communicatiebureau, Bleiswijk’.  Als ik deze termen voorheen intypte, verscheen ik niet op de eerste pagina van Google. Niet gek, want in mijn tekst op de homepage bijvoorbeeld, kwam het woord Bleiswijk helemaal niet voor. Evenmin in de titels. Dat heb ik daarom meteen veranderd en voilà… ik sta met mijn homepage inmiddels op plaats 8! Mijn volgende stap is nu om ook de overige pagina’s te optimaliseren, zodat ik op nog veel meer zoektermen hoog in de ranking verschijn.

Dan nog dit…
De informatie in dit blog is slechts een greep uit het programma dat tijdens de training Schrijven voor SEO werd aangeboden. En bovendien ook nog mijn eigen interpretatie ervan. Er is  veel meer te leren en te nuanceren over Schrijven voor SEO. Als je serieus interesse hebt om er meer mee te gaan doen, raad ik je aan om ook een training te volgen. Dan krijg je alle noodzakelijke informatie helder en overzichtelijk aangeboden. Stuur me gerust een mail als je behoefte hebt aan meer informatie!

 

 

Vijf tips voor het schrijven van een blog

Vijf tips voor het schrijven van een blog

blog jeanette voetsWil je graag gaan bloggen? Lees dan mijn vijf praktische tips. En plan regelmatig tijd vrij in je agenda om een nieuw bericht te schrijven. Want bloggen valt of staat met discipline!
Tip 1: Kies een centraal thema

Om structuur en lijn aan te brengen in je blogs, maar ook om herkenbaarheid te creëren bij je lezers, is het verstandig om vooraf een thema te kiezen dat als een rode draad door al je blogs heen loopt. Als je zakelijk gaat bloggen is het vrij logisch dat je schrijft over je vakgebied, of een onderwerp kiest dat in het verlengde hiervan ligt.  Dan bouw je tegelijkertijd aan je status van expert.

Tip 2: Houd het losjes
Veel mensen schieten in een vreselijk formele modus zodra ze aan het schrijven slaan. Je ziet het aan woorden als ‘tevens’ of ‘heden’. Niet zo gek, want zo hebben we het ooit op school geleerd. Voor blogs kun je echter beter een informelere stijl kiezen.

Lastig? Vertel dan het verhaal dat je ongeveer wilt schrijven eerst hardop en schrijf het letterlijk op. Misschien is deze spreektaal weer iets té frivool op papier, maar dat kun je achteraf gemakkelijk bijschaven. Tip: gaat het hardop vertellen van je verhaal je eigenlijk heel goed af? Dan zou ik overwegen om te gaan vloggen (videobloggen). Ben je meteen van al je schrijfproblemen af 🙂

Tip 3: Geef bruikbare informatie
We kennen ze allemaal: de vijf tips om sneller klanten binnen te halen, de drie meest gehoorde excuses om niet te bloggen of de vier beste marketingtrucs van 2015. Op blogs als Frankwatching.com vliegen dit soort lijstjes je om de oren. Niet zo gek, want we zijn er allemaal dol op. Ben je niet zo’n begenadigd schrijver maar wel enorm goed in je vak, kies er dan voor om dit soort bruikbare informatie te delen via je blogs. Je lezers zullen je er zeer dankbaar voor zijn! Voorbeelden:

  • Los een probleem van je klant op;
  • Geef tips, ideeën of inspiratie (bespreek boeken);
  • Neem twijfel weg;
  • Lever interessante cijfers/statistieken;
  • Deel je ervaring.

Tip 4: gooi alle excuses aan de kant
Ik breng Tip 3 meteen in de praktijk met een lijstje van de zes meest gehoorde excuses om maar NIET te hoeven bloggen. Gooi ze meteen aan de kant als je echt heel graag van start wilt. Hier komen ze:

  • Een blog is eng, iedereen leest het;
  • Ik kan niet goed genoeg schrijven;
  • Mijn mening doet er niet toe;
  • Ik heb geen tijd;
  • Ik weet niet wat ik moet schrijven;
  • Overal is al over geschreven.

Tip 5: gebruik foto’s
Ik zeg het als tekstschrijver natuurlijk niet graag maar ‘een beeld zegt nog altijd meer dan 1.000 woorden’. Zeker op internet. Niemand leest graag vanaf een scherm. Houd het dus kort en voeg foto’s toe die je verhaal versterken. Ze zeggen dat je met goede fotografie minimaal twee keer zoveel lezers trekt dus… tel uit je winst.

Hoe schrijf ik een blog?

Hoe schrijf ik een blog?

workshopbloggenIn oktober 2014 heb ik een workshop gegeven ‘Hoe schrijf ik een blog’ aan leden van NOOVA, het netwerk voor vrouwelijke ondernemers. Ik had dit onderwerp gekozen omdat ik weet dat veel ZZP-ers graag willen bloggen, maar niet precies weten hoe het werkt.

Op de vraag ‘hoe schrijf je een blog?’ is eigenlijk maar één antwoord te geven: alleen met enorm veel motivatie en discipline. Want daar zit vooral het probleem. Voor het schrijven van een blog moet je echt gaan zitten. Dat blijkt voor heel veel mensen – inclusief mijzelf! – best lastig.
Er is altijd wel iets wat tussendoor komt. Plan dus tijd vrij in je agenda om te kunnen schrijven, en zorg dat je de overige tijd alert bent op het verzamelen van goede onderwerpen. Die onderwerpen kunnen namelijk zomaar voorbij komen. Je vangt iets interessants op tijdens een meeting, komt per ongeluk op een leuke site terecht of luistert een gesprek af in de trein. En ineens denk je: daar kan ik iets mee! Meteen opschrijven is mijn advies, want anders is het moment voorbij en nestelen zich weer andere gedachten in je hoofd. Weg onderwerp!

Allerbelangrijkst is natuurlijk dat je daadwerkelijk achter je pc gaat zitten en begint te typen. Gewoon opschrijven wat er in je opkomt over het onderwerp dat je hebt gekozen. Niet denken dat het meteen goed moet zijn, want dan blokkeer je. Al schrijvende ontdek je vanzelf welke kant je op wilt met je verhaal.  Oftewel:

The best way to write a blog is to actually write a blog. A pen is useful, typing is also good.
Keep putting words on the page!

Lees mijn vijf tips voor het schrijven van een blog.

Vijf tips voor een korte, vlotte tekst

schrijven-is-schrappenWil je aan de slag met het schrijven van teksten voor bijvoorbeeld je website? Lees dan eerst mijn vijf tips! Ze helpen je om korter en bondiger te schrijven zodat je teksten niet alleen gezien, maar ook gelezen worden!

1. Schrijf actief
Ik zie nog steeds veel lijdende vormen in wervende teksten. Nu is een lijdende vorm niet fout, maar het is wel verstandig om er bewust – en spaarzaam – mee om te gaan. De lijdende vorm herken je aan zinnen met een vorm van het hulpwerkwoord ‘worden’.

Bijvoorbeeld: Er worden bloemen op tafel gezet door mijn moeder.
Zet je deze zin om naar de bedrijvende (actieve) vorm dan krijg je:
Mijn moeder zet bloemen op tafel.

De zin wordt zo korter, maar ook actiever. Het geeft meer dynamiek aan je tekst waardoor deze vlotter leest. Vooral in ambtelijke teksten stikt het vaak van de lijdende zinnen. Het is een slimme manier om de handelende (verantwoordelijke) persoon uit de wind te houden (Er worden nieuwe manieren gezocht om….). Maar dat maakt de tekst absoluut niet beter leesbaar.

2. Maak korte zinnen
Wanneer is een zin te lang? Daarover zijn de meningen – ook bij tekstschrijvers – nogal verdeeld merk ik. Zelf neig ik naar kort. Een zin met twintig woorden is voor mij echt het maximum. En ik ben ook niet bang om punten te zetten waar anderen liever kiezen voor een komma. Gewoon. Omdat het lekker leest.

3. Schrijf concreet
Vooral voor dienstverlenende bedrijven is het best lastig om concreet (betekenisvol) te omschrijven wat je te bieden hebt: je geeft advies, je verbetert processen, je brengt informatiestromen in kaart. Maar wat doe je nou precies? Ik worstel er zelf ook vaak mee. Wat mij helpt is een oefening die ik ooit leerde op een schrijftraining: prik blind vijf woorden uit een boek of krant en gebruik die om je product of dienst te omschrijven. Tja, en dan moet je aan de slag met woorden als kaarslicht, capuccino of kippenhok. Maar echt, het helpt. Het zorgt er in ieder geval voor dat je even uit je vaste woordenschat stapt.

 4. Neem je lezer serieus (en jezelf iets minder)
Sommige bedrijven weiden in hun wervende teksten eindeloos uit over hun methodes, processen, technieken, adviesmodellen en wat al niet meer. Mijn advies: doe het niet. Het interesseert niemand. Maak zo nodig een link voor de lezer die wel geïnteresseerd is in alle achtergronden. Beperk je op de homepage tot een opsomming van maximaal vijf (korte) redenen waarom klanten voor jouw bedrijf moeten kiezen. Echt, dat is genoeg.

 5. Schrijf positief
Je zou het bijna vergeten, maar een wervende tekst is bedoeld om te enthousiasmeren! Toch zie ik nog regelmatig wervende teksten voorbij komen waar ik eerder droevig van word dan blij. Mijn tip: gebruik woorden als voordeel, winst, goed, ja, slim, makkelijk of nieuw. Niet voor niets vind je ze – tot vervelends toe – in reclameteksten. Maar toch: wie slim schrijft, haalt meer winst uit zijn teksten!

Van communiceren naar converseren

Van communiceren naar converseren

Het is nog niet eens zo heel lang geleden dat de belangrijkste taak van een communicatieadviseur was om de regie te houden op alles wat een bedrijf aan informatie de wereld instuurde. Folders, nieuwsbrieven, persberichten, interviews… aan de adviseur de taak om te voorkomen dat er verkeerde dingen werden gezegd of geschreven die niet bijdroegen aan de goede naam van het bedrijf.

Maar nu is het 2014. En ziet de wereld er behoorlijk anders uit. Oké, wij communicatieadviseurs verzenden nog steeds allerlei berichten, maar… we zijn lang niet meer de enige. Medewerkers, klanten, buren, familieleden… iedereen communiceert vandaag de dag over een bedrijf. Jan en alleman twittert, post en blogt er op los. Hoe houd je daar de regie op?

Daar is natuurlijk al over nagedacht. De term die ik steeds vaker tegenkom en het antwoord lijkt te zijn op deze nieuwe ontwikkelingen is: conversatieadviseur. Of, in goed Nederlands: communitymanager. Conversatieadviseurs houden zich niet langer bezig met het beheersen van de communicatie, maar het volgen van de conversaties. Elke dag (liefst vaker) houd je in de gaten wat er over jouw bedrijf wordt gezegd op internet.

Maar dat is niet het enige. Je neemt als conversatieatieadviseur ook deel aan deze gesprekken. Wordt er geklaagd over jouw bedrijf op Twitter? Dan reageer je direct. Is iemand blij met jouw bedrijf op Facebook? Dan deel je dat zo veel als mogelijk is.

Deze ontwikkelingen zijn even wennen. Veel communicatieadviseurs zijn toch behoorlijke control freaks is mijn ervaring. Overal berichten zien oppoppen kan dan behoorlijk bedreigend zijn. Is het ook erg? Nee. Integendeel. Het komt de geloofwaardigheid van een bedrijf alleen maar ten goede. Want dingen roepen die je niet kunt waarmaken als bedrijf is nu voorgoed verleden tijd. Doe je het toch, dan word je direct afgestraft door een twitterende klant of bloggende medewerker. Eerlijkheid, authenticiteit en transparantie zijn nu belangrijker dan ooit.

Valt er dan helemaal niets meer te regisseren voor een conversatieadviseur? Het controletijdperk lijkt voorgoed voorbij maar je kunt als conversatieadviseur wel gesprekken sturen. Hier komt de corporate story (missie/visie) weer om de hoek kijken. Weten waar jouw bedrijf voor gaat, helpt je om conversaties een bepaalde richting op te sturen. De richting die bijdraagt aan de goede naam, de reputatie van jouw bedrijf.

Overigens kan de corporate story je als conversatieadviseur ook helpen om te zorgen dat je op de juiste plekken op het internet aanwezig bent. Gaat jouw bedrijf voor duurzaam? Volg dan de discussies die daarover gaan. Dat is misschien nog wel de grootste uitdaging voor de communicatieadviseur van vandaag: dat je daar bent waar het gebeurt. Tussen je doelgroepen. En niet in je ivoren toren blijft zitten.